Weer verder met ‘Hölderlin, biografie van een mysterieuze
dichter’ van Rüdiger Safranski.
Verder met
Hoofdstuk 11
‘Vrijheid, gelijkheid, broederschap – die fundamentele verlangens van de Franse
Revolutie klinken erin door. En toch,
hoe politiek het er ook aan toegaat, de gestalte van Empedocles vertegenwoordigt
voor Hölderlin niet alleen de actu-
aliteit van de politieke vrijheidsstrijd. De voorgeschiedenis van die poging een
drama te schrijven, resulterend in ‘De
dood van Empedocles’, gaat enkele jaren terug.
Vanuit Waltershausen had Hölderlin op 10 oktober 1794 aan Neuffer geschreven
dat hij zich verheugde op de dag
waarop hij eindelijk met ‘Hyperion’ klaar zou zijn, omdat hij zich dan aan
een werk kon zetten dat hem ‘bijna nog meer
aan het hart ligt’, en dat moest een stuk worden over de – ‘dood van
Socrates’ (MA II, 550). Wanneer hij dat precies
heeft opgegeven, weten we niet. In elk geval heeft hij er na die eerste
mededeling nooit meer over gesproken. Het
onderwerp zou in elk geval heel populair zijn geweest.’
(Bladzijde 163) Morgen verder met dit hoofdstuk 11.