Weer verder met ‘Hölderlin, biografie van een mysterieuze
dichter’ van Rüdiger Safranski.
Verder met
Hoofdstuk 17
‘De stemmenigskentering betrof drie aspecten: ‘leven’ als nieuw toverwoord;
de herwaardering van ‘jeugd’; en
nieuw-religieuze experimenten.
Niet alleen door Nietzsche, maar toch vooral onder zijn invloed, had het woord
‘leven’ een nieuwe klank ge-
kregen, geheimzinnig en zo verleidelijk dat menigeen, zoals de filosoof Rickert,
waarschuwde voor enkel ‘levens-
gespartel’ (Rickert, ‘Die Philosophie des Lebens’, 155). ‘Leven’ werd
een centraal begrip, zoals eerder ‘zijn’, ‘na-
tuur’, ‘God’ of ‘ik’, een strijdkreet ook tegen het lafhartige
idealisme van de plicht in het burgerlijke leven en tegen
een zielloos materialisme. Het protest van Sturm und Drang en de Romantiek
herhaalde zich. Leven – opgevat als
een tocht naar verre oevers en naar zichzelf, naar de scheppende vitaliteit.
‘Leven’ wordt ook de leuze van de
jeugdbeweging. Van de Jugendstil, van de neoromantiek, van de reformpedagogiek.
In het oprichtingsmanifest van
het invloedrijke tijdschrift ‘Jugend’ (1896) wordt gezegd: ‘Jeugd is
plezier in het leven, het vermogen te genieten,
hoop en liefde, geloof in de mensen – jeugd is leven, jeugd is kleur, is vorm en
licht’ (gecit. naar Glaser, 146).’
(Bladzijde 264) Morgen verder met dit hoofdstuk 17.