Weer verder met ‘Hölderlin, biografie van een mysterieuze
dichter’ van Rüdiger Safranski.
Verder met
Hoofdstuk 17
‘Gottfried Benn had ooit in het gedicht ‘Wat erg is’ spottend
geschreven: ‘Een nieuwe gedachte hebben/ die
niet in een regel van Hölderlin gehuld kan worden,/ zoals de professoren doen’
(Benn 3, 280). Met een derge-
lijke populariteit is het allang gedaan. Maar vergeten is Hölderlin niet. Hij
heeft in het culturele geheugen zijn
plek behouden. Als ‘klassieke schrijver’. Maar hij was vooral – een priester
van de poëzie.
Het is echt wel mogelijk dat hij, zoals hij over zichzelf zei, ‘meer van
goden gewerd dan hij verduren kon’.
Maar we moeten vrezen dat wij, het nageslacht, te weinig van goden gewerden om
hem nog enigszins te kun-
nen begrijpen. De godenacht, waarover Hölderlin sprak, die bestaat echt heden
ten dage, hier te lande.
Daarom is Hölderlin ons vreemd geworden, bij alle mythologisering, of ook
juist daardoor. Bereikt hij ons nog,
en bereiken wij hem? Dat zou mooi zijn.
‘Kom! in het opene, vriend!’ ‘
(Bladzijde 274-275) Dit was het laatste hoofdstuk van deze biografie. Mijn
hommage voor Hölderlin is nu af.
Morgen verder met een hommage aan Peter Verhelst.