Weer verder met ‘Hölderlin, biografie van een mysterieuze
dichter’ van Rüdiger Safranski.
Verder met
Hoofdstuk 17
‘De ‘Frankfurter Ausgabe’, om er nog eenmaal op terug te komen, ontstond
juist uit de geest van de politisering,
want ze reconstrueert niet alleen indrukwekkend de langzame vervaardiging van de
gedichten, maar ze presen-
teert ook de hele tekstmaterie als een slagveld van het fragmentarische, het
onvoltooide, en van de mislukkende
pogingen. Over het geheel ligt een waas van tragiek met de onderhuidse boodschap:
zo ziet het eruit als door de
Duitse omstandigheden een genie schipbreuk lijdt! Of daarmee recht gedaan wordt
aan Hölderlins bedoeling? In
Hölderlins gedicht ‘Aan de Parcen’ staat altijd nog: ‘Maar mocht eens het
heilige, dat aan het/Hart mij gaat, het ge-
dicht, mij lukken,/ Welkom dan, o stille schimmenrijk!’ (MA I, 188). Hölderlin
wilde en zocht de afsluiting, de voltooi-
de vorm. En vaag genoeg slaagde hij daar ook in, en hij wilde ook alleen maar met
het geslaagde naar buiten tre-
den en in herinnering blijven. Maar in de ‘Frankfurter Ausgabe’ kan hij niet
anders dan als een genie van de misluk-
king lijken, ongehoord fascinerend in het kleine, meelijwekkend in het grote en
woedend op slechte politieke en maat-
schappelijke omstandigheden, die de poëtische geest kennelijk noodlottig
werden.’
(Bladzijde 273-274) Morgen verder met dit hoofdstuk 17.