Weer verder met ‘Hölderlin, biografie van een mysterieuze
dichter’ van Rüdiger Safranski.
Verder met
Hoofdstuk 15
‘Hölderlin vertaalde de twee tragedies ‘Koning Oedipus’ en
‘Antigone’, die in 1804 in twee delen verschenen.
De Griekse versie die hij gebruikte, zat vol fouten, wat de betekenis ervan niet
ten goede kwam. Hölderlin pro-
beerde die op te helderen, maar de betekenis werd daardoor nog duisterder, en zo
dwaalde hij nog verder van
de oorspronkelijke tekst af. Maar zijn vertalingen waren wel altijd origineel.
Norbert von Hellingrath, die aan het
begin van de twintigste eeuw voor het eerst Hölderlins vertaalwerk beoordeelde,
vatte zijn oordeel als volgt sa-
men: ‘Een zeldzame mengeling van enerzijds vertrouwdheid met de Griekse taal en
een levendige greep op haar
schoonheid en haar karakter, en anderzijds onbekendheid met de eenvoudigste
regels ervan en een totaal gebrek
aan grammaticale nauwkeurigheid […] Er zou niet gemakkelijk iemand te vinden
zijn geweest die zo vertrouwd was
met een dode taal en er zo intens mee leefde, maar ook niet gemakkelijk iemand
anders die een zo aanzienlijk deel
van de hellenistische cultuur beheerste en voor wie tegelijkertijd de Griekse
grammatica en alle filologische middelen
zo vreemd waren’ (gecit. Naar KA 2, 1327).’
(Bladzijde 233-234) Morgen verder met dit hoofdstuk 15.