Weer verder met Peter Verhelst; nu met de bundel
‘Verhemelte’.
‘EXTASE I
Dit is het einde
van wat in de zeventiende eeuw
ontkiemde en waarom alles van zinloosheid doortrokken raakte
wordt niet langer
door een vraagteken gevolgd. Het einde
is achter de rug. In de verte staan twee vrouwen
met brandende handen in de lucht roerend
hun ogen te verliezen, tongen
als twee razendsnelle vlindermessen als antwoord
op een majestatisch opstijgende wolk in Azië, rode
Afrikaanse stofregens, een helikopter cirkelend
om een christushoofd in Brazilië, drijvende
zaadpluizen, een paar fladderende jongensbenen: giiiidigidigi-
digi giiidigidigidigidi. Twee vrouwelijke mondholtes vol
henna. Gidigidigidigidigidi. Tot het ook daar tussen het
obscene van hun stembanden eindelijk doordringt dat er zelfs
geen vraag werd gesteld. Op dat moment schikt een man
in Amsterdam handgranaten op een schaal als vuistgrote noten,
verwijdert de pinnen en neemt foto’s
terwijl de kamer met een klap uiteenspat.’
(Bladzijde 5) Morgen verder met ‘Verhemelte’.