Weer verder met ‘Hölderlin, biografie van een mysterieuze
dichter’ van Rüdiger Safranski.
Verder met
Hoofdstuk 17
‘Hoezeer de aanvallen hem ook kwetsten, Hellingrath liet zich niet
ontmoedigen, hij verscherpte de tegenstellingen
nog en week geen centimeter: ‘wat voor een ander alleen nog maar catatonische
woordenkraam leek: daarin zien wij
de uiterste rijpheid en de heilige verhevenheid van de dichter […]’ (gecit.
Id., 424).
Hellingrath maakte de grote doorbraak van Hölderlin met de publicatie van het
vierde deel van het verzameld werk
eind 1917 niet meer mee. Hij sneuvelde in december 1916 bij Verdun.
Hölderlin was nu een icoon geworden voor de vaderlandslievenden en voor de
mensen die zich bij het geheime, het
betere Duitsland voelden behoren. Claus Schenk von Stauffenberg bijvoorbeeld kwam
in de kring van George literair
in aanraking met Hölderlin, en bij zijn terechtstelling op 20 juli 1944 schijnt
hij geroepen te hebben: ‘Leve het geheime
Duitsland!’, zij het dat volgens een andere overlevering zijn laatste woorden
zijn geweest: ‘Leve het heilige Duitsland!’
(Karlauf, 32; Riedel, 5).
Laten we niet vergeten dat Hölderlin bij Herder had geleerd dat elk volk,
elke gemeenschap een zingevende kern be-
hoeft, een stimulerende samenhang, een ‘genius’. Voor Hölderlin waren
dergelijke, zo opgevatte Herderse ‘volksgeesten’
- goden.’
(Bladzijde 268-269) Morgen verder met dit hoofdstuk 17.